Actua

Dossier tweede verblijf: wat zijn de fiscale addertjes onder het gras?

Voor velen is het een droom: een tweede verblijf aan de kust, in de Ardennen, in het buitenland, … Maar ook hier geldt het spreekwoord: bezint eer ge begint. Want het kostenplaatje loopt vaak hoger op dan je op het eerste gezicht zou denken. En dat heeft alles te maken met belastingen en andere fiscale kosten. Wie er zijn broek niet aan wil scheuren, kan ze dan ook maar beter al bij de aankoop incalculeren. Schrik dat je iets over het hoofd ziet? Geen nood, we lijsten alle addertjes voor je op. 

1. Taks op tweede verblijven: gecontesteerd maar nog altijd in voege

Een van de grootste en meteen ook de meest gecontesteerde kostenposten is de zogeheten taks op tweede verblijven. Die wordt geheven door de lokale gemeente om de nodige investeringen te kunnen doen in gemeentelijke voorzieningen, onderhoud van openbare domeinen, dienstverlening, … Vooral in de kustgemeenten zijn de tarieven van de belasting op het tweede verblijf de jongste jaren flink de hoogte in gegaan. Volgens een onderzoek van de Confederatie van Immoberoepen (CIB Vlaanderen) gaat het zelfs om een stijging van 30%.

De meeste gemeenten in ons land heffen een belasting op tweede verblijven. In Vlaanderen gaat het om 75% van de gemeenten en ook in Wallonië is de taks van toepassing. Jaarlijks neemt hij een hap van 600 tot 1000 euro uit je budget.

De taks op tweede verblijven brengt gemeentes zo een mooi extraatje op, maar hij ligt ook onder vuur. Zo wordt er momenteel geprocedeerd tegen de taks in Koksijde. De CIB waarschuwt dan weer dat de belastingsverhoging op tweede verblijven de kusteconomie wel eens aan het sputteren kan brengen. Voor de goede orde: de taks op je tweede verblijf is tot nader order nog altijd verplicht. Wie niet betaalt, krijgt sowieso problemen met de fiscus.

2. Niemand ontsnapt aan onroerende voorheffing

Voor een tweede verblijf zit je echter al gauw aan een veel hoger kostenplaatje. Het blijft dan ook niet bij de taks op gemeentelijk niveau. Er zijn nog andere fiscale en niet-fiscale addertjes onder het gras, zoals de onroerende voorheffing. Die moet je sowieso betalen als eigenaar van een onroerend goed. Of het nu om je eerste, tweede of derde woning gaat. De opbrengsten daarvan vloeien deels naar het Vlaams Gewest, deels naar de provincie en deels naar de gemeente.

Hoeveel je exact betaalt aan onroerende voorheffing, is afhankelijk van de stad of gemeente waar je tweede verblijf is gelegen. Gemiddeld gaat het om ongeveer 1.000 euro, bovenop de 1.000 euro die je al betaalde voor de taks op tweede verblijven.

Heb je kinderen ten last of een eerder bescheiden woning? Het maakt allemaal niets uit. Een vermindering op de onroerende voorheffing is alleen mogelijk voor de eerste woning.

3. Vergeet je tweede verblijf niet op je belastingaangifte

Belangrijk: ook een tweede verblijf en meer bepaald het niet-geïndexeerde kadastraal inkomen, moet uiteraard worden vermeld op je belastingaangifte. Een kost die je maar beter incalculeert bij de aankoop van je vakantiewoning. De belastingberekening hierop verloopt aan de hand van het marginale tarief (45 à 50 procent).

4. Last but not least: de milieuheffing

Een laatste fiscale kostenpost is ten slotte de milieuheffing. Hoeveel die precies inhoudt, hangt opnieuw af van gemeente tot gemeente. Met de milieuheffing betaal je voor de storting en verbranding van afvalstoffen. Ook voor het sorteren en voorbehandelen van afvalstoffen moet een milieuheffing worden betaald.

Appartement gekocht? Denk aan de syndicus

Tot zover het fiscale lijstje, maar natuurlijk zijn er ook nog andere kosten verbonden aan de aankoop van een tweede woning. Zo zal je voor een appartement als tweede verblijf allicht een syndicus moeten betalen. Die staat onder meer in voor het gemeenschappelijke beheer, zoals het onderhoud voor de gemeenschappelijke delen, de lift, de garage, … De syndicus is een vaste kost, maar je krijgt er dus ook wel wat voor terug.

De laatste loodjes

Helaas, een tweede verblijf is en blijft een vastgoedinvestering waaraan onvermijdelijk klassieke eigenaarskosten verbonden zijn: denk maar aan onderhoud (wanneer je niet in zee gaat met een syndicus), verzekeringen, water en elektriciteit, … Gelukkig staat er véél tegenover. Een tweede verblijf is dé plaats om tot rust te komen, en je bespaart er natuurlijk heel wat hotelkosten mee uit! 

Fotobronnen: Interhome, vakantie-appartement, groepversluys
15/05/2014

Jouw vragen of opmerkingen bij dit artikel

Vorige artikel
Hack je bureau! 7 DIY hacks voor het kantoorleven
Volgende artikel
Le doux rayonnement et les atouts décoratifs des chandeliers muraux